De kenner en de gekende zijn één. Eenvoudige mensen menen, dat zij God zouden kunnen zien, alsof Hij daar stond en zij hier. Dit is niet zo. God en Ik, wij zijn één in kennis


de-kenner-de-gekende-zijn-één-eenvoudige-mensen-menen-dat-zij-god-zouden-kunnen-zien-alsof-hij-daar-stond-zij-hier-dit-is-niet-zo-god-ik-wij
eckhart tolledekennerdegekendezijnééneenvoudigemensenmenendatzijgodzoudenkunnenzienalsofhijdaarstondhierditisnietzoikwijééninkennisde kennerkenner enen dede gekendegekende zijnzijn ééneenvoudige mensenmensen menendat zijzij godgod zoudenzouden kunnenkunnen zienalsof hijhij daardaar stondstond enen zijzij hierdit isis nietniet zogod enen ikwij zijnzijn éénéén inin kennisde kenner enkenner en deen de gekendede gekende zijngekende zijn ééneenvoudige mensen menendat zij godzij god zoudengod zouden kunnenzouden kunnen zienalsof hij daarhij daar stonddaar stond enstond en zijen zij hierdit is nietis niet zogod en ikwij zijn éénzijn één inéén in kennis

Niets staat de kennis van God zozeer in de weg als tijd en ruimte, want tijd en ruimte zijn fragmenten, terwijl God één is! En daarom, als de ziel God wil kennen, moet zij hem boven de tijd uit en buiten de ruimte kennen; want God is niet dit nóch dat, aangezien dit gemanifesteerde dingen zijn. God is éénDenkt u eens aan het essentiële inzicht van Heisenberg, Schrodinger en Einstein - dat het weefsel van de realiteit er een is waarbij de observeerder en het gebeuren, het subject en het object, de kenner en het gekende onscheidbaar zijn, d.w.z. zij zijn één. Dit soort weten dat niet-dualistisch is, intiem is en direct, laat zich niet codificeren en analyserenDe hoogste kennis over God, die wij in dit leven kunnen verkrijgen, bestaat uit het weten, dat Hij verheven is boven alles, wat wij van hem denkenDus Einstein had het fout toen hij zei: Onze dwalingen en onze verdeeldheid in de moraal vloeien soms hieruit voort dat wij de mensen beschouwen alsof zij volkomen verdorven of volkomen goed zouden kunnen zijnEr zijn mensen waarvan men niet moet zeggen dat zij God vrezen, maar wel dat zij bang voor Hem zijn