In de onsterflijke rollen der Faam staan namen geschreven, waarover zij bloost


in-de-onsterflijke-rollen-der-faam-staan-namen-geschreven-waarover-zij-bloost
william hazlittindeonsterflijkerollenderfaamstaannamengeschrevenwaaroverzijbloostin dede onsterflijkeonsterflijke rollenrollen derder faamfaam staanstaan namennamen geschrevenwaarover zijzij bloostin de onsterflijkede onsterflijke rollenonsterflijke rollen derrollen der faamder faam staanfaam staan namenstaan namen geschrevenwaarover zij bloostin de onsterflijke rollende onsterflijke rollen deronsterflijke rollen der faamrollen der faam staander faam staan namenfaam staan namen geschrevenin de onsterflijke rollen derde onsterflijke rollen der faamonsterflijke rollen der faam staanrollen der faam staan namender faam staan namen geschreven

Sommige critici verbeelden zich, dat zij te bepalen hebben wat goed en slecht is, daar zij hun kindertrompet voor de bazuin der Faam houden -A. Schopenhauer
sommige-critici-verbeelden-zich-dat-zij-te-bepalen-hebben-wat-goed-slecht-is-daar-zij-hun-kindertrompet-voor-de-bazuin-der-faam-houden
Er zijn critici die menen, dat zij hebben uit te maken wat goed en slecht is, omdat zij hun kindertrompetje voor de bazuin der Faam houden -A. Schopenhauer
er-zijn-critici-die-menen-dat-zij-hebben-uit-te-maken-wat-goed-slecht-is-omdat-zij-hun-kindertrompetje-voor-de-bazuin-der-faam-houden
Een gemoed, dat zich het goede bewust is, lacht om de leugens der faam -Ovidius
een-gemoed-dat-zich-het-goede-bewust-is-lacht-om-de-leugens-der-faam
De sneeuwbal en de achterklap groeien, terwijl zij verder rollen, steeds aan -Wilhelm Müller
de-sneeuwbal-de-achterklap-groeien-terwijl-zij-verder-rollen-steeds-aan
Zij bloost gelijk een roosje, maar ze haalt het uit een doosje -Constantijn Huygens
zij-bloost-gelijk-een-roosje-maar-ze-haalt-het-uit-een-doosje
Ik verbaas mij steeds over de ondankbaarheid der mensen, of moet ik het laksheid noemen, dat er in loop der eeuwen nimmer iemand is opgestaan, die een loflied op de zotheid heeft geschreven -Erasmus
ik-verbaas-mij-steeds-over-de-ondankbaarheid-der-mensen-of-moet-ik-het-laksheid-noemen-dat-er-in-loop-der-eeuwen-nimmer-iemand-is-opgestaan-die-een