Op school stonden ze op het bord geschreven, het werkwoord hebben en het werkwoord zijn; hiermee was tijd, was eeuwigheid gegeven, de ene werklijkheid, de andre schijn


op-school-stonden-ze-op-het-bord-geschreven-het-werkwoord-hebben-het-werkwoord-zijn-hiermee-was-tijd-was-eeuwigheid-gegeven-de-ene-werklijkheid-de
ed. hoornikopschoolstondenzeophetbordgeschrevenwerkwoordhebbenzijnhiermeewastijdeeuwigheidgegevendeenewerklijkheidandreschijnop schoolschool stondenstonden zeze opop hethet bordbord geschrevenhet werkwoordwerkwoord hebbenhebben enen hethet werkwoordwerkwoord zijnhiermee waswas tijdwas eeuwigheideeuwigheid gegevende eneene werklijkheidandre schijnop school stondenschool stonden zestonden ze opze op hetop het bordhet bord geschrevenhet werkwoord hebbenwerkwoord hebben enhebben en heten het werkwoordhet werkwoord zijnhiermee was tijdwas eeuwigheid gegevende ene werklijkheidde andre schijn

Een van de merkwaardige dingen in het leven is dat we geconditioneerd zijn door het werkwoord 'worden', want hierin liggen zowel heden, verleden als toekomst besloten. De hele religieuze conditionering is op dit werkwoord worden gebaseerd; hemel en hel, alle vormen van geloof, alle verlossers en alle buitensporigheden hangen ermee samenDe hele natuur is een vervoeging van het werkwoord eten, in de bedrijvende en in de lijdende vormHeel het leven schuilt in het werkwoord 'zien'Twee ogen heeft de ziel; het ene ziet in de tijd, het andere is steeds gericht op de eeuwigheidTijd is als eeuwigheid, en eeuwigheid als tijd. Vat gij dit niet, van u slechts is het onderscheidHet gras stond stil in de lage avonddamp, de populieren stonden stil, het water en het licht. Het leek, alsof de tijd aan 't wachten was om voort te gaan