Bij het woord compositie werd ik altijd innerlijk aangedaan en ik maakte het later tot mijn levensdoel een compositie te schilderen. Het woord zelf had op mij het effect van een gebed. Het vervulde mij met ontzag


bij-het-woord-compositie-werd-ik-altijd-innerlijk-aangedaan-ik-maakte-het-later-tot-mijn-levensdoel-een-compositie-te-schilderen-het-woord-zelf-had
wassily kandinskybijhetwoordcompositiewerdikaltijdinnerlijkaangedaanmaaktelatertotmijnlevensdoeleenteschilderenhetzelfhadopmijeffectvangebedvervuldemetontzagbij hethet woordwoord compositiecompositie werdwerd ikik altijdaltijd innerlijkinnerlijk aangedaanaangedaan enen ikik maaktemaakte hethet laterlater tottot mijnmijn levensdoellevensdoel eeneen compositiecompositie tete schilderenhet woordwoord zelfzelf hadhad opop mijmij hethet effecteffect vanvan eeneen gebedhet vervuldevervulde mijmij metmet ontzagbij het woordhet woord compositiewoord compositie werdcompositie werd ikwerd ik altijdik altijd innerlijkaltijd innerlijk aangedaaninnerlijk aangedaan enaangedaan en iken ik maakteik maakte hetmaakte het laterhet later totlater tot mijntot mijn levensdoelmijn levensdoel eenlevensdoel een compositieeen compositie tecompositie te schilderenhet woord zelfwoord zelf hadzelf had ophad op mijop mij hetmij het effecthet effect vaneffect van eenvan een gebedhet vervulde mijvervulde mij metmij met ontzag

Vaak was ik alleen met mijn ziel. Ik trad als zuivere substantie mijn ware zelf binnen, en wendde mij af van al het uiterlijke naar wat innerlijk is. Ik werd zuiver weten, zowel de wetende als de gewetene. Hoe verwonderd was ik schoonheid en pracht in mijn eigen zelf te aanschouwen en te herkennen dat ik een deel van de verheven Goddelijke Wereld ben, begiftigd zelfs met scheppend leven! In deze ontdekking van het zelf, werd ik boven de wereld van de zintuigen uitgetild, zelfs boven de geestenwereld, tot aan het Goddelijke, waar ik een zo prachtig Licht gewaar werd dat geen mond dit zou kunnen uitdrukken of geen oor verstaanOm me te straffen voor mijn minachting voor autoriteiten, maakte het lot mij zelf tot een autoriteitIk onderga het altijd als een onderscheiding, wanneer een kind, na een blik op mij geworpen te hebben, niet altijd spontaan in schreien uitbarst, maar het woord tot me richtDoch woord blijft woord, en dat het spreuken horen, een krank hart heelde, kwam mij nooit ter orenTwee dingen vervullen het gemoed met steeds nieuwe en steeds toenemende bewondering en ontzag, hoe vaker en intenser het nadenken zich erop toelegt: de sterrenhemel boven mij en de morele wet in mijIk kijk om mij heen: er is geen woord meer over van wat vroeger 'waarheid' heette, wij kunnen er niet meer tegen als een priester het woord 'waarheid' ook maar in de mond neemt