Het denken, dat de vrees voor de dood aankweekt, zegt: laten we hem uitstellen, laten we hem ontlopen, hem zoveel mogelijk op een afstand houden, laten we niet aan hem denken - maar u denkt er toch aan


het-denken-dat-de-vrees-voor-de-dood-aankweekt-zegt-laten-we-hem-uitstellen-laten-we-hem-ontlopen-hem-zoveel-mogelijk-op-een-afstand-houden-laten-we
krishnamurtihetdenkendatdevreesvoordoodaankweektzegtlatenwehemuitstellenontlopenzoveelmogelijkopeenafstandhoudennietaandenkenmaardenktertochhet denkendat dede vreesvrees voorde dooddood aankweektlaten wewe hemhem uitstellenlaten wewe hemhem ontlopenhem zoveelzoveel mogelijkmogelijk opop eeneen afstandlaten wewe nietniet aanaan hemhem denkendenkenmaarmaar uu denktdenkt erer tochtoch aandat de vreesde vrees voorvrees voor devoor de doodde dood aankweektlaten we hemwe hem uitstellenlaten we hemwe hem ontlopenhem zoveel mogelijkzoveel mogelijk opmogelijk op eenop een afstandeen afstand houdenlaten we nietwe niet aanniet aan hemaan hem denkenhem denkenmaar umaar u denktu denkt erdenkt er tocher toch aan

De ware kunstenaar zal eerder zijn vrouw laten verhongeren, zijn kinderen barrevoets laten rondlopen, zijn oude moeder voor hem laten sloven om de kost te verdienen, dan aan iets anders te werken dan aan zijn kunstMen moet nooit een wantoestand voort laten bestaan om een oorlog te ontlopen. Want je ontloopt deze niet, maar je stelt hem in je eigen nadeel alleen maar uitLeven en laten leven, denken en laten denken, doen en laten doen - als dát 's levens stelregel wordt, dan heeft een geeft ieder vrijheid en het geluk is verzekerdAlles is mogelijk bij de mens, er is geen touw aan hem vast te knopen, behalve om hem op te hangenDe bekoring van de roem is zo groot, dat men hem mint, waar men hem ook aan verbindt, zelfs aan de doodDe mens is niet meer dan een zwak riet, maar het is een denkend riet. Het is niet nodig dat het heelal zich bewapent om hem te verpletteren: een damp, een waterdruppel volstaat om hem te doden.  Maar ook wanneer het heelal hem zou verpletteren, ook dan nog zou de mens edeler zijn dan wat hem doodt, omdat hij weet dat hij sterft, terwijl het heelal niets weet van wat het op hem voorheeft. Zodoende bestaat al onze waardigheid in ons denken.