Wij hebben noch de kracht, noch de gelegenheid al het goed en het kwaad ten uitvoer te brengen, die wij beramen


wij-hebben-noch-de-kracht-noch-de-gelegenheid-al-het-goed-het-kwaad-ten-uitvoer-te-brengen-die-wij-beramen
vauvenargueswijhebbennochdekrachtgelegenheidalhetgoedkwaadtenuitvoertebrengendiewijberamenwij hebbenhebben nochnoch dede krachtnoch dede gelegenheidgelegenheid alal hethet goedgoed enen hethet kwaadkwaad tenten uitvoeruitvoer tete brengendie wijwij beramenwij hebben nochhebben noch denoch de krachtnoch de gelegenheidde gelegenheid algelegenheid al hetal het goedhet goed engoed en heten het kwaadhet kwaad tenkwaad ten uitvoerten uitvoer teuitvoer te brengendie wij beramenwij hebben noch dehebben noch de krachtnoch de gelegenheid alde gelegenheid al hetgelegenheid al het goedal het goed enhet goed en hetgoed en het kwaaden het kwaad tenhet kwaad ten uitvoerkwaad ten uitvoer teten uitvoer te brengenwij hebben noch de krachtnoch de gelegenheid al hetde gelegenheid al het goedgelegenheid al het goed enal het goed en hethet goed en het kwaadgoed en het kwaad tenen het kwaad ten uitvoerhet kwaad ten uitvoer tekwaad ten uitvoer te brengen

Met elke handeling is het aldus gesteld; op zichzelf is ze noch goed noch kwaadNoch het naleven van de regels van het ongekleed gaan, noch de haarvlechten, nòch de modder waarmee men zijn lichaam bedekt, noch het vasten, noch het slapen op de naakte grond, noch het stof en vuil die het lichaam bedekken, noch de aanbidding, kunnen een sterveling rein maken die niet zijn twijfels overwonnen heeftIndien wij iets geschreven hebben voor onze lering of tot de verlichting van ons hart, bestaat er een grote waarschijnlijkheid dat onze overwegingen ook voor vele anderen nuttig zullen zijn. Want niemand is alléén in zijn soort; en nooit zijn wij zó waar, noch zó levendig, noch zó hartroerend, als wanneer wij de dingen behandelen voor onszelvenMen vergeeft u noch uw talent, noch uw voorspoed, noch uw vreugde, noch uw huwelijk, noch uw vermogen, ternauwernood uw ongeluk; alleen uw dood vergeeft men u, en zelfs die nog niet altijdVrees niet uw vijanden; wee hem, die er geen in deze wereld heeft. Maar tracht geen vat op u te geven, noch in het belachelijke, noch ten koste van uw aanzienNiets weerstaat aan een krachtige en aanhoudende wil; noch de natuur, noch de mensen, noch zelfs het noodlot